Maak kennis met nieuwe DMM'er: Lara Oude Alink

DMM-er Lara Oude Alink: ‘Er is meer interactie nodig’

Ze was altijd al goed in talen. Besloot Japans te gaan studeren in Leiden. Zo’n taal helemaal vanaf het begin leren, zonder dat je er nog maar één woord van kent, laat staan lezen. Dat leek haar leuk.  Tegenwoordig werkt ze bij een Japans bedrijf in Amstelveen, waar, vanwege een vroegere vestiging van Canon, een grote Japanse gemeenschap huist. Dus forenst ze dagelijks op en neer naar Amstelveen vanuit haar appartement in Cromvliet waar ze samen met haar vriend woont. ‘In een heerlijke groene straat vol bomen. Ja, daar kozen we deze plek een paar jaar geleden op uit, toen ik vlak na mijn afstuderen nog in Leiden werkte. Overigens lijkt Rijswijk een heel groene gemeente, maar de kwaliteit ervan laat nogal te wensen over. Er moet veel meer variatie in komen. Net als in Den Haag: ook die stad lijkt op het oog veel groener dan eigenlijk het geval is.’

Oog voor de toekomst. Denken op de lange termijn. Dat mist ze bij andere politieke partijen maar vindt ze wel bij GroenLinks. ‘In de maatschappij gebeurt zoveel waardoor het de verkeerde kant opgaat. Waarom zien mensen dat niet? Waarom leren we niets van de geschiedenis? Dat vraag ik me zó vaak af.’ 

Actief shoppen
In 2018 werd ze lid van GroenLinks, bezocht de Nieuwjaarsborrel om kennis te maken met partijgenoten. En nu gaat ze aan de slag als DMM-er. Samen met Natalia Polanski. ‘Het is fijn om dat samen te doen. Dan kun je altijd op elkaar terugvallen. Nu gaat het erom om op de hoogte te zijn en te blijven van wat in de afdeling en in onze fractie gebeurt. Zodat we er via Facebook, maar ook via andere sociale media, geregeld en op tijd over kunnen berichten. We hebben een speciale app-groep ingericht. En we willen ook zelf gaan “shoppen” op zoek naar relevante informatie om daar vervolgens posts over te kunnen plaatsen. Er is meer interactie nodig. Uiteindelijk gaat het erom dat er meer draagvlak ontstaat voor waar GroenLinks in de gemeente mee bezig is. Berichten via sociale media kunnen daarbij een rol spelen. Daar wil ik aan meewerken!’